‘uit de kast’ en opnieuw beginnen

De Brug Nijmegen
19 september 2008
NIJMEGEN – Toen de 53-jarige Hermie van Druten na zeventien jaar huwelijk aan zijn vrouw vertelde dat hij homoseksueel is, brak een zeer moeilijke tijd aan. Hij ging weg bij zijn vrouw en kinderen, verloor een paar vrienden en voelde zich ontzettend schuldig op een flatje van twaalf hoog. Nu veertien jaar later is alles anders.

De kersverse kroegbaas Hermie van Druten van café De Verjaardag vertelt zijn verhaal foto Bob Walker De Brug Nijmegen

“Voor haar kwam het nieuws als een donderslag bij heldere hemel”, vertelt Hermie terwijl hij gaat zitten op één van de krukken aan de bar. Hij denkt even na, draait een shaggie en zucht diep. “Zoiets vertel je niet even tussen neus en lippen door. Het was niet gemakkelijk. Ik heb haar veel pijn gedaan, terwijl ze nooit iets verkeerd gedaan heeft. Maar ik moest het wel vertellen. Al die jaren heb ik met een gigantisch geheim rondgelopen en op een gegeven moment kun je het niet meer voor je houden. Het moet eruit.” Dat moment brak veertien jaar geleden aan voor de Nijmegenaar: hij kwam op 39-jarige leeftijd ‘uit de kast’. “Waarom dat zolang geduurd heeft?’, vraagt Hermie lachend. “Ik heb het altijd geweten, maar in die tijd was het anders. Je moest wel erg veel lef hebben om thuis te vertellen dat je eigenlijk homo bent, zeker bij ons in het katholieke gezin. En ik had dat niet. Ik was vierentwintig uur per dag bezig met verborgen houden dat ik op mannen val. Toen ik eenmaal getrouwd was, werd het nog moeilijker om ervoor uit te komen. Ik was bang om alles te verliezen: mijn familie, mijn vrienden en mijn dochters.” Na de klap enigszins verwerkt te hebben, stond zijn ex-vrouw voor hem klaar. Samen voerden ze gesprekken bij Orpheus, een vereniging voor getrouwde stellen die in een soortgelijke situatie als Hermie en zijn ex-vrouw zitten. “Eerst dacht ik: als ik mijn geheim vertel, dan is het klaar. Maar zo gaat het natuurlijk niet. Dan begint het eigenlijk pas. Ik stortte in en ging op een flatje van twaalf hoog wonen. Veel vrienden waarvan ik dacht dat het vrienden waren bleken dat niet te zijn. Dat moest ik verwerken. Alleen. Mijn dochters liet ik geen keuze: zij bleven bij hun moeder wonen. Ik wilde hen niet opzadelen met mijn probleem. Voor hen is het een omgekeerde wereld: je ouders gaan van het ene op het andere moment scheiden en dan is je vader ook nog eens homo. Dat kost tijd. Ik weet nog goed dat ik mijn jongste dochter huilend aantrof op de bank. Zo uit het niets. Ik vroeg wat er was en ze vertelde dat twee jongens bij haar op school elkaar hadden uitgescholden voor ‘vieze flikker’. Dat kwetste haar, maar ze durfde niet in te grijpen, omdat iedereen ‘het’ dan wist.” Toch heeft Hermie geen spijt van zijn eerste huwelijk. “Voor mij zijn het geen weggegooide jaren geweest”, vertelt hij. “Die zeventien jaren waren niet slecht en ik heb er twee fantastische kinderen aan overgehouden. Wel heb ik er spijt van dat mijn ex dit moest doormaken.” Twee jaar na zijn ‘coming-out’ ontmoet hij de Cubaanse man Orestes. “Het grappige is dat de vonk hier in De Verjaardag oversloeg. Meteen liefde op het eerste gezicht. Al gauw trok hij bij me in en negen jaar geleden ging ik letterlijk voor hem op mijn knieën. Ik was zo gelukkig en wilde niets liever dan met hem trouwen. En hij met mij.” Ze stapten als één van de eerste Nijmeegse homoparen in het huwelijksbootje en hielden het verder klein met familie en vrienden. Ook nu nog betrapt Hermie zichzelf op het verbergen van zijn homoseksualiteit. “Het is niet zo dat ik de macho uithang”, vertelt hij grijzend. “Maar ik ben er zo aan gewend geraakt. Ik merk dat als ik bijvoorbeeld met Orestes kleren ga kopen. Wijst hij een gekleurde blouse aan, dan ben ik geneigd te zeggen: ‘Kom, ik ben toch geen homo’. Ik hield me vroeger constant bezig met wat mensen denken. Daar kom je pas achter als je niets meer te verbergen hebt.” Nu hij echt gelukkig is, heeft hij het ook aangedurfd om een slecht lopend homocafé over te nemen. “Een enorme gok”, noemt Hermie het zelf. “Maar ik begrijp niet dat ik er dertig jaar geleden niet opgekomen ben. Achtendertig jaar lang heb ik in de grafische industrie gewerkt en op een gegeven ogenblik werd me gevraagd wat ik het liefst zou willen doen, als ik mocht kiezen. Spontaan antwoordde ik: een klein, bruin cafeetje openen. Ik was stomverbaasd over mijn eigen woorden. Maar ik dacht erover na en besloot mijn droom na te jagen. Samen met Orestes heb ik De Verjaardag gekocht en ik ben helemaal gelukkig. Als ik hier achter de bar sta, krijg ik het gevoel dat ik thuis ben.”

 

je kan dit deze post delen op...
Share on Facebook
Facebook
1Share on Google+
Google+
0Tweet about this on Twitter
Twitter
0Share on LinkedIn
Linkedin
Email this to someone
email

Reacties gesloten.